Tips
Tien prompt-gewoontes die werken, uit de officiële gidsen
Anthropic en OpenAI leggen uit hoe je hun modellen brieft. Deze tien gewoontes komen recht uit die gidsen, elk met een voor en een na.
Je hebt geen geheime formules nodig om goed werk uit een AI-model te halen. Anthropic en OpenAI publiceren allebei richtlijnen over hoe je hun modellen brieft, en die adviezen overlappen meer dan je zou denken. De gids van Anthropic opent met een beeld dat je best onthoudt: behandel het model als een briljante maar nieuwe medewerker die de context mist over jullie normen en werkwijzen. Bijna elke gewoonte hieronder volgt daaruit.
Eerst één ding. De gids van Anthropic gaat ervan uit dat je weet hoe een goed resultaat eruitziet en dat je het kunt controleren. Schrijf dus, voor je aan een prompt begint te schaven, in een zin of twee op wat succes betekent.
1. Brief het model zoals een bekwame nieuwe collega
De gouden regel van Anthropic: laat je prompt lezen door een collega die weinig context heeft over de taak. Raakt die in de war, dan het model ook. Eén zin over de rol die het moet spelen, helpt ook. In plaats van “Schrijf een intro voor de nieuwsbrief” probeer je “Je schrijft voor onze B2B-nieuwsbrief: schrijf een intro van 60 woorden voor bestaande klanten waarin je aankondigt dat onze helpdesk nu om 8 uur opengaat.”
2. Zeg waarom, niet alleen wat
Als je de reden achter een instructie uitlegt, begrijpt het model je doel beter en veralgemeent het vanuit die uitleg. Het voorbeeld van Anthropic zelf vervangt “Gebruik NOOIT beletseltekens” door de reden: de tekst wordt voorgelezen door een spraakmotor die ze niet kan uitspreken. In plaats van “Houd het kort” probeer je “Houd het kort, want het verschijnt als melding op het vergrendelscherm van een telefoon.”
3. Vervang vage woorden door cijfers en formats
OpenAI raadt aan specifiek te zijn over context, uitkomst, lengte, format en stijl, en vage, wollige omschrijvingen te schrappen. In plaats van “Een vrij korte productbeschrijving, niet te lang” probeer je “Een productbeschrijving van 3 tot 5 zinnen, die de lezer met je aanspreekt en eindigt met de prijs.”
4. Vraag om het resultaat, niet om suggesties
Modellen nemen je woorden letterlijk. Anthropic merkt op dat “Pas deze functie aan om haar prestaties te verbeteren” beter werkt dan “Kun je wat wijzigingen voorstellen”, en dat je meer dan het minimum expliciet moet vragen. In plaats van “Ideeën voor deze kop?” probeer je “Herschrijf deze kop in drie versies: een zakelijke, een speelse en een rond een cijfer.”
5. Zeg wat wel moet, niet alleen wat niet mag
Beide gidsen maken dit punt: een lijst verboden laat het model raden wat je wél wilt. In plaats van “Geen jargon” probeer je “Schrijf zo dat een nieuwe klant zonder technische achtergrond elke zin begrijpt.”
6. Toon drie tot vijf voorbeelden
Een paar goedgekozen voorbeelden verbeteren nauwkeurigheid en consistentie. Anthropic raadt er drie tot vijf aan, dicht bij je echte toepassing en gevarieerd genoeg zodat het model geen toevallig patroon overneemt; ook OpenAI vraagt om een gevarieerde reeks inputs. In plaats van “Schrijf onderwerpregels in onze stijl” probeer je “Hier zijn vier onderwerpregels die bij ons goed werkten; schrijf er vijf nieuwe in dezelfde stijl voor de voorjaarsactie.”
7. Houd instructies en materiaal uit elkaar
Als instructies, achtergrond en brontekst door elkaar lopen, kan het model het ene voor het andere aanzien. Anthropic stelt voor elk deel in een eigen XML-achtige tag met een duidelijke naam te zetten; OpenAI noemt scheidingstekens zoals drie aanhalingstekens, of Markdown-koppen. In plaats van een rapport meteen onder je vraag te plakken, probeer je “Vat het rapport hieronder samen in vijf bullets”, gevolgd door het rapport tussen duidelijk benoemde tags.
8. Lang materiaal eerst, de vraag als laatste
Bij lange documenten raadt Anthropic aan het materiaal bovenaan te zetten en je vraag onderaan; in zijn tests verbeterde dat de kwaliteit van de antwoorden met tot 30 procent, vooral bij meerdere documenten. Het model eerst de relevante passages laten citeren, helpt het te focussen. In plaats van “Wat zegt dit contract over opzegging?” boven veertig pagina’s te zetten, plaats je de pagina’s eerst en eindig je met “Citeer eerst de passages over opzegging en leg dan in gewone taal uit wat ze voor ons betekenen.”
9. Laat “ik weet het niet” toe, en vraag om een controle
De richtlijnen van Anthropic om hallucinaties te beperken beginnen ermee het model expliciet toe te staan te zeggen dat het iets niet weet. Vraag het om bij elke bewering een bron te geven, of zijn antwoord vóór het afronden te toetsen aan jouw criteria. In plaats van “Wat is het marktaandeel van onze drie concurrenten?” probeer je “Gebruik alleen de rapporten in bijlage, vermeld bij elk cijfer de bron, en zeg het als een cijfer er niet in staat.”
10. Geef denkende modellen een doel, geen draaiboek
Veel huidige modellen denken na voor ze antwoorden. OpenAI vergelijkt een redeneermodel met een senior collega aan wie je een doel geeft, en een klassiek GPT-model met een junior collega die expliciete instructies nodig heeft. Anthropic voegt toe dat een prompt als “denk grondig na” vaak tot beter redeneren leidt dan een stappenplan dat je zelf uitschrijft. In plaats van een recept in tien stappen voor een analyse probeer je “Zoek uit waarom onze conversies in maart daalden; bekijk eerst de data en zeg me dan wat jij zou doen.”
Test, en deel wat werkt
Probeer een prompt uit op meerdere echte gevallen voor je erop vertrouwt, en houd de versie die wint. OpenAI raadt ook aan evaluaties op te zetten, zodat je merkt wanneer een nieuwe modelversie zich anders gedraagt.
Een prompt die werkt, is bedrijfskennis. Behandel hem ook zo.
In Zaela wordt een werkwijze die werkt één keer vastgelegd en door iedereen gebruikt, naast je merkregels en tone of voice in één gedeeld geheugen. Vraag je twee keer hetzelfde? Maak er een agent van.